De kwetsbaarheid van Marokko voor schommelingen op de mondiale energiemarkt is aanzienlijk toegenomen sinds de sluiting en liquidatie van de Samir-raffinaderij in Mohammedia in 2015. De installatie, die voorheen een capaciteit had van bijna 200.000 vaten per dag, bood het land strategische flexibiliteit. Tegenwoordig is het Noord-Afrikaanse land vrijwel volledig afhankelijk van de invoer van kant-en-klare brandstoffen, waardoor het direct wordt geraakt door hoge raffinagemarges en dure zeetransporten.

Hoge raffinagemarges en stijgende transportkosten

Hoewel de prijs van Brent-ruwe olie op periodieke momenten daalt, blijft de prijs van diesel relatief hoog. Dit verschil—de zogeheten crack spread—wordt veroorzaakt door structurele raffinagetekorten in Europa en elders. In Europese handelscentra lag de prijs van diesel regelmatig tientallen dollars per vat boven die van ruwe olie.

Daarnaast drijven transportkosten en verzekeringspremies de eindprijs verder op. Dagprijzen voor tankers op routes tussen het Midden-Oosten en alternatieve knooppunten liepen op, wat de logistieke keten verder verzwaart. In Marokko liep de invoer van gasoil en stookolie in acht maanden tijd op tot 50,7 miljard dirham (een stijging van circa 45 procent), waarmee de totale nationale energierekening steeg tot 96,4 miljard dirham.

Het bredere macro-economische landschap van Marokko

Deze energielasten vallen samen met een periode van aanzienlijke macro-economische tegenstellingen binnen de Marokkaanse economie:

  • Druk op de landbouw: Aanhoudende, meerjarige droogte heeft geleid tot lage stuwmeerreserves en magere oogsten, waardoor de agrarische sector de totale bbp-groei afremt naar naar schatting 2,5 tot 3 procent.
  • Sterke industriële export: Daartegenover presteert de maakindustrie uitstekend. De automotive-sector in Tanger en Kenitra is Marokko's belangrijkste exportpijler geworden, nauw gevolgd door de luchtvaarttoelevering.
  • Fosfaten en diaspora-overboekingen: Inkomsten uit fosfaatexport via staatsbedrijf OCP en recordbedragen aan overschrijvingen door Marokkanen in het buitenland (MRE) zorgen voor een stabiele instroom van buitenlandse deviezen.
  • Begrotingsdruk en inflatie: Doordat subsidies op brandstoffen eerder zijn afgebouwd, sijpelen hoge dieselprijzen direct door in transportkosten en consumentenprijzen, wat centrale bank Bank Al-Maghrib dwingt tot een waakzaam rentebeleid.

Verlies aan industriële toegevoegde waarde

Een academische analyse wees eerder uit dat het wegvallen van de raffinagesector Marokko structureel zo'n 1,7 procent aan toegevoegde waarde heeft gekost. Hoewel een eigen raffinaderij het land niet immuun zou maken voor ruwe oliekoersen, zou het wel de mogelijkheid bieden te kiezen tussen het importeren van ruwe olie of eindproducten. Het ontbreken van die strategische buffer blijft een kostbare factor in de Marokkaanse handelsbalans.